Sneeuwgors op nieuw land
In het Markermeer is een nieuwe eilanden archipel aangelegd: de Marker Wadden. Vorig jaar zijn de Marker Wadden officieel geopend en de eilanden zijn meteen gekoloniseerd door vogels. In 2018 broedden er al 1700 paar Visdieven, 11 % van de Nederlandse populatie. Maar ook wintergasten weten het gebied te vinden. Zoals deze Sneeuwgors die op het punt staat om naar het noorden te vertrekken.
Landje van Geijsel
Onder de rook van Amsterdam verzamelen zich elk jaar groepen Grutto’s die terug zijn in Nederland na een verblijf in het zuiden. Vanaf februari melden de eersten zich bij ondiepe plassen en plas-dras weilanden waaronder het Landje van Geijsel bij Ouderkerk aan de Amstel. Altijd fantastisch om onze nationale vogel weer te zien.
Slingerende beken
In Midden-Limburg ligt natuurgebied het Leudal. Door het gebied stromen twee mooie beken: De Leubeek, die ook de Tungelroyse Beek heet, en de Zelsterbeek. Uiteindelijk vloeien de beken samen en stromen ze uit in de Maas. De Leubeek was grotendeels gekanaliseerd, maar mag tegenwoordig weer meanderen door het Leudal. Beide beken hebben een diep beekdal uitgeslepen. In 2002 zijn in het Leudal bevers uitgezet. Hun knaagsporen zijn onmiskenbaar. We waren hier vorig jaar ook. Het was toen maart en het speenkruid bloeide al.
Zilverplevier
In de winter zijn ze altijd te vinden in de Delta en dus ook aan de Noordzeekust bij de Brouwersdam: Zilverplevieren. Deze wintergasten broeden op de toendra in het hoge noorden. Na de broedtijd trekken ze naar het zuiden o.a. langs de Nederlandse kust en als het niet al te koud is bij ons, dan blijven ze de hele winter. In de zomer is hun borst zwart, in de winter wit, zoals op de foto’s.






































